Literaire en artistieke eigendom in het familiaal vermogensrecht

Dankzij de auteurs hebben wij cultureel erfgoed. Maar wie kan, mag of moet zorg dragen voor dit erfgoed? Dit boek biedt op tal van vragen in verband met de literaire en artistieke eigendom in het familiaal vermogensrecht een antwoord.
Auteur(s):
Charlotte Declerck
boek | verschenen | 1e editie
november 2009 | xxv + 656 blz.

Hardback
€ 155,-


ISBN 9789050959391

Inhoud

Dankzij de auteurs hebben wij cultureel erfgoed. Maar wie kan, mag of moet zorg dragen voor dit erfgoed? Wordt de echtgenoot van de auteur door het huwelijk deelgerechtigd aan het auteursrecht en de materiële auteurswerken en kan hij meebeslissen op welke wijze de morele rechten en de vermogensrechten worden uitgeoefend?
Kunnen bijvoorbeeld de erfgenamen van Gerrit Rietveld de publicatie tegenhouden van een advertentie waarop de bekende rood-blauwe Rietveld-stoel wordt afgebeeld? Kunnen de erfgenamen van Jacques Brel in rechte optreden wanneer een niet-bekendgemaakte versie van La cathédrale wordt gecommercialiseerd?
En wat gebeurt er met de tachtigduizend kunstwerken van Anton Heyboer nu hij is overleden? Dit boek tracht op deze en tal van andere vragen in verband met de literaire en artistieke eigendom in het familiaal vermogensrecht een antwoord te bieden. Het eerste deel duidt het bestaan van spanningsvelden tussen het familiaal vermogensrecht en het auteursrecht aan de hand van twee kernbegrippen die in beide rechtstakken centraal staan, namelijk eigendom en solidariteit. Het tweede deel behandelt de literaire en artistieke eigendom in het huwelijksvermogensrecht. Achtereenvolgens wordt onderzocht op welke wijze de literaire en artistieke eigendom interfereert met gemeenschaps-, scheidings- en participatiestelsels. Het derde deel gaat ten slotte in op de wijze waarop de literaire en artistieke eigendom wordt vererfd.

Hoofdstukken

De individuele hoofdstukken zijn (nog) niet beschikbaar.